Maridadi Fabrics (Kenia)

 

 

De Fair Trade Organisatie heeft sinds 1989 contact met Maridadi Fabrics in Kenia. Bij deze organisatie werken ongehuwde moeders uit de sloppenwijken van Nairobi. 

Via Maridadi Fabrics importeert de Fair Trade Organisatie produkten van gezeefdrukt katoen.

 

 

1 De context

 

In november 1991 werd de Westerse hulp aan de regering van Kenia gestopt. De Westerse landen eisten vrije verkiezingen en een meer-partijenstelsel. President Moi noemde het eenpartijenstelsel echter 'een typische Afrikaanse vorm van democratie'. In zijn ogen zou een meerpartijenstelsel juist tribalisme aanwakkeren. Het stoppen van de buitenlandse hulp resulteerde in een snel verslechterende situatie, zowel sociaal-economisch als politiek.

 

 

2 De partner

 

2.1 Geschiedenis

In 1956 zette de Anglicaanse kerk in Kenia de vrijwilligersorganisatie St. John's Community Centre op. St. John's verleende hulp aan de armen van Pumwani, een krottenwijk van Nairobi. In de loop der jaren vormden alleenstaande moeders een steeds groter deel van de doelgroep van St. John's.

Om de economische positie van de alleenstaande moeders te verbeteren werd in 1967 Maridadi Fabrics opgezet, een fabriek om stoffen te zeefdrukken en te verven. Dit bood de vrouwen de mogelijkheid om financieel onafhankelijk te worden. Maridadi Fabrics was in het begin gevestigd in een oude brouwerij. Deze bleek al snel te klein en het bestuur van Maridadi Fabrics besloot een nieuwe fabriek te bouwen. In 1977 opende deze haar deuren.

Hoewel het goed ging met de fabriek was het slecht gesteld met de financiën. Daar Maridadi Fabrics een onderdeel van St. John's was, vloeide de winst direct af naar dit centrum. Hierdoor had Maridadi Fabrics te weinig werkkapitaal om katoen en andere grondstoffen in te kopen. In 1982 zat de fabriek in een diep dal.

Sindsdien zijn er steeds andere donoren geweest die geld in het project stopten, maar het beeld bleef ongewijzigd: er was veel vraag naar de produkten, maar de produktie bleef op een laag pitje door het gebrek aan werkkapitaal. Maridadi Fabrics' administratie en boekhouding zijn inmiddels gescheiden van het St. John's Community Centre. De Engelse organisatie Traidcraft Exchange startte een ondersteuningsprogramma. Inmiddels wordt er efficiënter geproduceerd en zijn de schulden gesaneerd. Maridadi Fabrics heeft nu het 'break even point' bereikt: het punt waarop er net geen verlies meer wordt gedraaid.

 

2.2 Organisatie en activiteiten

Het bestuur van Maridadi Fabrics bestaat uit vijftien leden, waarvan vijf het dagelijks bestuur vormen. De werkneemsters van de fabriek zijn niet vertegenwoordigd. Alle bestuursleden zijn afkomstig van de Anglicaanse kerk. 

Het doel van Maridadi Fabrics is een inkomen te verschaffen aan alleenstaande moeders. De aanname-criteria voor nieuwe werknemers zijn: het moet gaan om vrouwen, die uit de sloppenwijken komen, en die of geen man hebben of een man zonder werk. Nieuw aangenomen vrouwen krijgen een training, maar de laatste jaren zijn er geen vrouwen meer aangenomen.

De fabriek van Maridadi Fabrics staat aan de rand van de oudste sloppenwijk van Nairobi, Pumwani. Bij de fabriek is ook een kleine winkel. Een tweede winkel van Maridadi Fabrics bevindt zich midden in de stad Nairobi. Via deze eigen winkels verkoopt de fabriek een groot deel van haar stoffen.

De fabriek wordt gerund door een staf van drie personen. De staf functioneert in de praktijk vrij onafhankelijk van het bestuur. De werkomstandigheden in de fabriek zijn goed. Het is een ruime fabriek, met kantoorruimte, een showroom en een personeelskantine. Naast de drukafdeling is er een naai-atelier waar de stoffen verwerkt worden.

Een kwart van de produkten exporteert Maridadi Fabrics via eerlijke handelsorganisaties. Voorlopig kan niet via anderen worden geëxporteerd, want alleen eerlijke handelsorganisaties betalen 50% vooruit. En zonder die vooruitbetaling kan Maridadi Fabrics geen grondstoffen kopen om orders te vervullen. De rest van de produkten zet men lokaal af. Ook wordt veel verkocht aan hotels.

In de toekomst zullen weer trainingen worden gegeven en nieuwe vrouwen worden aangenomen. De oudere werkneemsters zullen een soort pensioenregeling krijgen aangeboden als ze de fabriek willen verlaten. Op deze manier zullen meer nieuwe vrouwen kunnen worden aangenomen. Ook de inspraak van de werkneemsters zal verbeteren. Het slagen van dit plan is voor een groot deel afhankelijk van de verkoop van de produkten. Fair Trade Assistance zal de fabriek daarom begeleiden bij het verbeteren van de produktieafdeling.

 

 

3 De producenten en hun produkten

 

Stoffen en textiel. Op dit moment werken zo'n vijftig vrouwen in de fabriek: vijfendertig in de zeefdrukkerij en veertien in het naai-atelier. De werkneemsters zijn allemaal alleenstaande vrouwen, de meeste met kinderen. Enkelen zijn voormalige prostituées. De vrouwen wonen in de sloppenwijk van Nairobi. Voor deze vrouwen zijn maar weinig mogelijkheden om geld te verdienen. Het is uniek dat Maridadi zich juist op deze groep richt. Ook de betaling van de vrouwen is uniek: ze hebben een vast inkomen, namelijk het wettelijk minimumloon. 

De werkneemsters sparen via een speciaal spaarprogramma. Een deel van hun salaris storten ze op een gezamenlijke rekening. Schoolrekeningen e.d. worden uit dit fonds betaald. Ook kunnen de vrouwen geld lenen tegen lage rente. Het beheer van de rekening is in handen van een uit twaalf mensen bestaand comité.

Maridadi Fabrics koopt grote hoeveelheden wit katoen van Keniase katoenfabrieken. Allereerst wordt de katoen gewassen. Vervolgens spannen de vrouwen het op lange tafels met behulp van spelden. Nu kan de stof bedrukt worden.

De vrouwen maken gebruik van de zeefdruktechniek. Bij deze druktechniek wordt gebruikt gemaakt van een soort scherm. Deze wordt gemaakt van dunne stof waarover een ondoorlaatbare laag wordt aangebracht. Uit deze laag 'plastic' snijden de vrouwen het patroon. De stof wordt in een frame gespannen en het scherm is af. De zeefdruksters leggen het scherm op de op de tafels gespannen stof en wrijven met een soort veger de verf door het scherm. De verf dringt alleen op die plaatsen door waar de ondoorlaatbare laag is weggesneden. Op deze wijze wordt het patroon op de stof geprint. Bij een meerkleurig patroon moeten ook meerdere schermen gebruikt worden. De designs zijn heel bijzonder. Modern en kunstzinnig, met duidelijk Afrikaanse motieven.

Na het printen moet de stof drogen aan de lucht. Vervolgens gaat het een half uur in een voorverwarmde oven (180° C) voor de kleurvastheid. De verfstoffen die gebruikt worden, koopt de fabriek soms lokaal in, maar de meeste komen uit Duitsland. Tenslotte wordt het gewassen, gestreken en gecontroleerd op de kwaliteit. De beste kwaliteit is voor de export, de mindere voor de lokale verkoop. De meeste stof verkoopt Maridadi Fabrics per strekkende meter. In het naai-atelier maken de vrouwen echter ook allerhande produkten van de stoffen. Ze naaien kleding, maar ook andere textielartikelen, zoals placemats en slabbetjes. 

 

 

4 Assistentie

 

De Fair Trade Organisatie voert sinds 1995 de campagne Mode met Motief. Bij de voorbereidingen van deze campagne, stelde Fair Trade Assistance zich tot doel producentengroepen die zich bezig houden met de produktie van kleding en/of sieraden geïntegreerd ondersteuning te geven, om zo bij deze groepen een collectie te kunnen ontwikkelen. 

In het kader van deze assistentie bracht een kledingstyliste van Fair Trade Assistance in oktober 1993 een bezoek aan Maridadi Fabrics om de medewerkers ter plekke te trainen in produktontwikkeling. Bovendien heeft Fair Trade Assistance een wasdroogmachine gefinancierd. Een belangrijke stap, want voorheen moest het wassen en wringen volledig met de hand worden gedaan.